Een peptide is een keten van 2 tot 50 aminozuren. Kort genoeg om als signaal te werken, te kort om zich tot een gevouwen eiwit te vormen. Dat ene verschil bepaalt bijna alles wat volgt.
De bouwsteen en de volgorde. Aminozuren zijn de bouwstenen; er zijn twintig standaard. De volgorde waarin ze aan elkaar hangen, de sequentie, bepaalt de vorm, en de vorm bepaalt de functie. Verwissel twee aminozuren, en het is een ander molecuul.
Boodschapper, geen bouwmateriaal. De meeste peptiden bouwen geen weefsel; ze geven signalen door. Een cel scheidt een peptide uit, een andere cel herkent het, en er volgt een respons. Insuline is het bekendste voorbeeld: een peptide van eenenvijftig aminozuren dat de bloedsuiker regelt.
Peptide of eiwit? De grens ligt rond de vijftig aminozuren. Dat is een afspraak, geen natuurwet; daarboven spreken we van een eiwit.
De kern: Een peptide is een korte keten aminozuren waarvan de volgorde de functie bepaalt. De meeste werken als boodschapper, niet als bouwsteen.
Compounds in dit artikel
- BPC-157 · Onderzoeksprofiel
- MOTS-c · Onderzoeksprofiel
Informatie ter wetenschappelijke referentie, geen medisch advies.